Niks mis met klimaatverandering!

Laten we aannemen dat de Aarde en het heelal door God zijn geschapen. Als een architect heeft Hij de natuurwetten zo ingericht dat hieruit onze Aarde kon ontstaan met al haar levensvormen. Een planeet die het leven voor al haar bewoners mogelijk maakt, maar ook het leven weg kan vagen.

De levensvormen op deze wereld leven in harmonie samen. Tenminste, als je deze harmonie van een afstand gadeslaat. Van dichtbij is het één grote moordpartij: eten of gegeten worden. En mocht het een dier lukken om niet als maaltijd te eindigen, is het óók gelukt om een natuurramp te overleven dan bestaat er nog de mogelijkheid dat de natuurlijke leefomgeving verdwijnt door een veranderend klimaat. Dit laatste is de grote uitdaging waar de mensheid voor staat al zijn de meningen daar over verdeeld: moet de mensheid handelen of heeft het geen zin om in te grijpen in de loop der natuur?

De filosoof Leibniz twijfelde niet aan het bestaan van God als de schepper. God is voor hem het hoogste, meest perfecte wezen dat bestaat, wat in zijn tijd een algemeen aanvaarde opvatting over God was. In zijn Discours de Métaphysique beschrijft hij waarom de schepping, ondanks dat dit door mensen anders wordt ervaren, toch perfect is. Het is een bewuste keuze geweest om de wereld zo te scheppen zoals hij nu is.

Sommige tijdgenoten van Leibniz waren van mening dat de schepping perfect is ómdat deze door God geschapen is. God kan niet anders. Dit deterministische standpunt werd door Leibniz verworpen: Door te stellen dat Hij niets anders had gekund dan de meest perfecte wereld te maken zou immers afbreuk doen aan de almachtigheid, en dus ook de perfectie, van God. Tevens zou een andere schepping, omdat deze door God geschapen is, óók perfect zijn geweest, wat impliceert dat deze schepping niet de meest perfect mogelijke is. God heeft wel de mogelijkheid gehad om een minder perfecte wereld te scheppen maar dit heeft Hij niet gedaan. Net zoals een kunstenaar zijn best doet om zijn kunstwerk zo mooi mogelijk te maken, heeft God zijn best gedaan om de perfecte wereld te scheppen. Het is een keuze van God geweest om deze wereld te scheppen uit alle mogelijk te scheppen werelden. Een belangrijke aanwijzing dat dit de best mogelijke van alle mogelijkheden is geweest is volgens Leibniz te vinden in de Bijbel: na elke scheppingshandeling bekeek God het resultaat en “zag dat het goed was”.

Volgens Leibniz’ principe van optimaliteit leven wij in het best mogelijke universum, bewust door God gekozen uit alle mogelijkheden om een universum te creëren. Waarin alles gebeurt volgens de natuurwetten, alsof God een mechaniek in gang gezet heeft van waaruit alle dingen volgens plan gebeuren. Vanuit deze zienswijze kunnen alle gebeurtenissen, zowel positief als negatief in de ogen van de mens, beschouwd worden als de voltrekking van Gods plan. Dit determinisme kan leiden tot het zogenaamde quietisme: Alle gebeurtenissen vinden plaats volgens Gods plan en het is daarom het beste om je daarin te berusten en Gods plan ongehinderd te laten voltrekken.

De relatie tussen optimisme, determinisme en quietisme is terug te vinden in hedendaagse problematiek, bijvoorbeeld over het klimaat of de technische vooruitgang. In de discussies over het veranderende klimaat op aarde komt dit het beste tot uiting. Sinds de industriële revolutie is de gemiddelde temperatuur op onze planeet gestegen, met het gevolg dat op verschillende plaatsen op aarde het klimaat verandert. De gangbare opvatting is dat de mens deze opwarming veroorzaakt, of in ieder geval versterkt, door de uitstoot van fossiele brandstoffen. Die uitstoot van met name CO2 veroorzaakt een broeikaseffect waardoor de gemiddelde temperatuur op aarde stijgt. Hier kan echter tegenin gebracht worden dat de waargenomen temperatuurstijging volgens natuurlijke processen verloopt en de klimaathysterie is gebaseerd op metingen over een te korte periode. Boringen in de ijskap van Groenland hebben bijvoorbeeld aangetoond dat de gemiddelde temperatuur over perioden van tienduizenden jaren grote fluctuaties heeft vertoond, waarbij de gemiddelde temperatuur van onze planeet bijvoorbeeld tijdens de middeleeuwen hoger was dan nu. De temperatuurstijging valt gewoon binnen de bandbreedte van de fluctuaties uit het verleden en is daarom onderdeel van een natuurlijk proces.¹ Alles voltrekt zich precies zoals God het, ten tijde van de schepping, bedoeld heeft. Het is daarom niet nodig, zelfs onwenselijk, om in te grijpen, aangezien we dan de perfectie in Gods werk niet erkennen. Een tweede argument voor een quietistische houding is dat de mens nog niet een volledig inzicht heeft in de werking van het klimaat en daardoor het risico bestaat dat er onvoorziene en ongewenste effecten optreden ten gevolge van de genomen maatregelen.

Indien zuiver quietisme toegepast zou worden dan dient men alles louter over zich heen te laten komen. Het is immers Gods plan dat voltrokken wordt, waaraan de mens niets anders kan doen dan het laten gebeuren. In het geval van heviger regenval is het geen probleem om dat over je heen te laten komen, maar in het geval van een vloedgolf is een afwachtende houding niet aan te bevelen. Het leven kan echter vanuit een optimistischer houding benaderd worden. Ondanks dat we het klimaat niet kunnen veranderen, of (door mensen) ongewenste veranderingen niet kunnen tegenhouden, betekent dat niet dat we niet mogen handelen om er voor te zorgen dat we zo min mogelijk last hebben van veranderingen. Er is niets mis met het aanleggen van een dijk om het stijgende water tegen te houden want God heeft de wereld zo geschapen dat wij de mogelijkheid hebben om dijken aan te leggen van de grond om ons heen om het water tegen te houden.

Hoewel zelfs de stevigste dijk kan doorbreken dient dat ons er niet van te weerhouden om deze toch aan te leggen. Het gaat, volgens Leibniz, om de intentie waarmee deze wordt gebouwd. Namelijk de intentie om onze voeten droog te houden. Dit optimisme, dat de mens hoop geeft om tegenwicht te bieden in de krachten der natuur, dient niet opgevat te worden als het negeren van de perfectie van Gods schepping, maar als vervolmaking daarvan. Om dezelfde reden is het geoorloofd om maatregelen te nemen tegen de opwarming van de Aarde door de uitstoot van broeikasgassen te verminderen. De intentie is namelijk goed en dit is wat God van ons verlangt, maar het is echter aan God om te bepalen of deze de gewenste uitwerking heeft. Zelfs als het resultaat van onze plannen niet is zoals verwacht, een verminderde opwarming van de Aarde, is het zeer goed mogelijk dat dit komt omdat wij niet van te voren konden inzien de uiteindelijke uitwerking, een schonere planeet, het best mogelijke resultaat is.

Het quietisme is in specifieke situaties een aanvaardbare houding maar over het algemeen is dit niet wat God van de mens verwacht. Volgens het principe van optimaliteit leven wij niet alleen in de best mogelijke wereld, maar zijn wij daar deel van. Dit betekent voor de individuele mens dat hij de gave bezit om het, voor hem, best mogelijke resultaat te behalen door zijn handelingen. Een afwachtende houding past daar niet bij omdat de mens dan niet het beste uit zichzelf haalt. Het belangrijkste bij alle uitingen en handelingen is de intentie waarmee dit gebeurt, ook al mislukt het resultaat. God alleen kent de juiste tijd en plaats waar succes bereikt wordt. Dit kan dus een warmere Aarde zijn.

Bronnen:
Algemeen: Leibniz, G.W. (1686), Discours de métaphisique
(1): Kroonenberg, S. (2006), De menselijke maat: De aarde over tienduizend jaar, 11e dr. Amsterdam: Uitgeverij Atlas

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s